Gerecht maakt fout in Zakitó-vonnis, maar herstelt een dag later

· - leestijd 1 minuut
Afbeelding

WILLEMSTAD – Het Gerecht heeft een fout hersteld in de uitspraak over The View Resort & Marina in Zakitó. Het beroep van omwonenden tegen de weigering om bij vijf flatgebouwen te handhaven, is gegrond. In de oorspronkelijke eindbeslissing stond ten onrechte dat dit beroep ongegrond was.


Dat blijkt uit een persverklaring van het Gerecht. De fout stond in het dictum, het formeel bindende gedeelte onderaan de uitspraak van 17 juli.

De fout veroorzaakte verwarring, omdat de motivering en conclusie iets anders zeiden. Daarin stond dat bij vijf flatgebouwen was afgeweken van de bouwtekeningen die bij de vergunning horen. Voor die afwijkingen bestond op 19 juni geen concreet zicht op legalisatie.

De minister van Verkeer, Vervoer en Ruimtelijke Planning had het handhavingsverzoek voor deze gebouwen daarom niet mogen afwijzen. De minister moet hierover opnieuw een beslissing nemen.

Kennelijke fout

Volgens het Gerecht was sprake van een kennelijke fout die eenvoudig kon worden hersteld. De fout kwam ook naar voren in een rectificatieverzoek van de omwonenden, die daar door Curaçao.nu op was gewezen.

In de rechtsoverwegingen 15.3, 15.5 en 16 had het Gerecht al uitgelegd waarom het beroep tegen de ministeriële beslissing van 19 juni gegrond was. In het dictum stond echter dat het beroep ongegrond was. Dat woord is nu in een hersteluitspraak gecorrigeerd, zodat de formele beslissing weer overeenkomt met de inhoud van het vonnis.

Het Gerecht zegt de verwarring die door de fout is ontstaan te betreuren .

Geen automatische bouwstop

De hersteluitspraak betekent niet dat het hele bouwproject onmiddellijk wordt stilgelegd. Ook volgt daaruit niet automatisch dat de betrokken gebouwen moeten worden afgebroken.

De minister moet opnieuw beoordelen of handhavend wordt opgetreden tegen de afwijkingen bij de gebouwen 3, 5, 6, 7 en 8. De ontwikkelaar kan aanvragen indienen om de afwijkingen alsnog te legaliseren. Als daardoor bij de nieuwe beoordeling wel concreet zicht op legalisatie bestaat, kan dat opnieuw een reden vormen om voorlopig niet te handhaven.

Voor flatgebouw 2 blijft het eerdere oordeel staan. Dat gebouw is 25 meter hoog geworden, terwijl 20,78 meter was vergund: een overschrijding van 4,22 meter. Voor deze afwijking was al een aanvraag ingediend en had de overheid geconcludeerd dat geen stedenbouwkundige bezwaren tegen legalisatie bestaan. Daarom mocht de minister bij gebouw 2 afzien van handhaving.

De afwijzing van het verzoek om een voorlopige voorziening blijft eveneens staan. Er is dus geen onmiddellijke bouwstop opgelegd. De juridische procedure over de afwijkingen bij de andere vijf gebouwen is met de hersteluitspraak echter nadrukkelijk niet beëindigd.


1.377 keer gelezen

Deel dit artikel: